De impact van de nieuwe BPM-regels op de restwaarde van benzineauto's
Stel je voor: je staat op het punt om een splinternieuwe, luxe benzinebak aan te schaffen. Misschien een stoere Duitser of een sportieve Japanner. Je hebt de prijslijst, je weet wat de leasebedragen zijn, en je bent er klaar voor.
Maar dan komt er iets heel belangrijks om de hoek kijken dat je totale kostenplaatje flink op zijn kop kan zetten: de BPM.
Die ene belasting die je bij aanschaf betaalt, en die een enorme impact heeft op de restwaarde van je auto. Vooral nu de regels radicaal veranderen, is het slim om even scherp te blijven. Dit is wat je moet weten voordat je je handtekening zet.
Veranderingen bpm sinds 2025
De wereld van de BPM (Belasting van Personenauto's en Motorrijtuigen) is sinds 1 januari 2025 flink opgeschud.
De grootste en meest besproken verandering? De BPM voor volledig elektrische personenauto's en motoren vervalt. Ja, je leest het goed: vanaf 2025 betaal je geen BPM meer op een gloednieuwe EV. Dat is een directe besparing van duizenden euro's op de aanschafprijs en maakt elektrisch rijden via lease of private lease nog aantrekkelijker.
Dit is een enorme stap vooruit in de transitie naar elektrisch rijden. Het kabinet wil hiermee de overstap naar emissieloos rijden versnellen.
Voor benzine- en dieselauto's verandert er op dit moment nog niet direct veel voor de BPM- berekening op nieuw te kopen auto's, maar de indirecte effecten zijn enorm.
De markt voor brandstofauto's onder druk door de aantrekkelijkheid van de EV's. Deze fiscale verschuiving heeft een directe weerslag op de restwaarde. Een auto met een lage of geen aanschafbelasting, zoals een EV, behoudt in potentie meer van zijn waarde omdat de totale aanschafprijs lager ligt en de markt voor tweedehands EV's groeit.
De BPM-regels zijn de ruggengraat van de autokostenberekening voor zowel particulieren als ondernemers. Het is dus cruciaal om te snappen hoe dit werkt, want een verkeerde inschatting kan je later duur komen te staan bij inruil of einde leasecontract.
Bpm-tarief voor bestelauto's
Voor ondernemers en bedrijven die met een bestelauto rijden, is er ook het een en ander veranderd. Vanaf 1 januari 2025 wordt de BPM voor bestelauto's niet meer berekend over de catalogusprijs, maar uitsluitend over de CO2-uitstoot.
Dit is een fundamentele wijziging. Bestelauto's die volledig elektrisch zijn (dus 0 gram CO2/km) betalen vanaf dat moment geen BPM meer.
Ideaal voor bijvoorbeeld een elektrische Volkswagen ID. Buzz Cargo of een Mercedes e-Vito. De CO2-uitstoot is vanaf 2025 leidend voor de BPM-heffing bij bestelwagens.
Als de CO2-uitstoot onbekend is, wordt deze standaard vastgesteld op een forse 330 gram/km, wat leidt tot een hoge BPM. Een interessante regeling is die voor gebruikte bestelauto's.
Wanneer je een tweedehands bestelauto koopt met een kilometerstand vanaf 3.000 km, mag je zelf kiezen of je de BPM berekent op basis van het nieuwe CO2-tarief of het oude, historische tarief (wat gebaseerd is op de catalogusprijs). Dit kan soms een aanzienlijk verschil maken. Voor bestelauto's die vóór 31 december 2024 al zijn toegelaten, geldt een overgangsregeling. Ondernemers kunnen dan nog gebruikmaken van de oude regeling, wat vaak voordeliger is.
Dit is een cruciaal detail voor bedrijven die hun wagenpark up-to-date willen houden zonder direct de hoofdprijs te betalen.
Gebruikte bestelauto: bpm berekenen met historisch tarief
De keuzevrijheid bij een gebruikte bestelauto is een slimme zet van de overheid. Het voorkomt dat de markt voor tweedehands bestelwagens direct stilvalt. Stel, je koopt een gebruikte Volkswagen Transporter uit 2022.
De dealer kan je twee berekeningen voorleggen. Eén op basis van de historische BPM (die ooit bij de nieuwwaarde is betaald) en één op basis van de huidige CO2-uitstoot.
Voor een oudere, zwaardere diesel kan het historische tarief gunstiger uitpakken. Voor een relatief jonge, zuinigere benzineversie misschien weer niet. Laat je dealer dit altijd voor je uitrekenen voor het specifieke model dat je op het oog hebt. Die €150,- die ze eraan kwijt zijn, betaalt zich dubbel en dwars terug in je eindprijs.
Ondernemersregeling kan voor u vervallen
De overgangsregeling voor ondernemers is een tijdelijk cadeautje dat per 1 januari 2025 ophoudt te bestaan.
Als je als ondernemer een bestelauto op het oog hebt die vóór 2025 is toegelaten, profiteer je nog van de oude, vaak gunstigere regels. Vanaf 2025 vervalt deze mogelijkheid voor nieuwe aankopen. Dit betekent dat de aanschaf van een nieuwe, conventionele bestelauto met een brandstofmotor ineens een stuk duider kan worden. De keuze voor een elektrische bestelauto wordt hierdoor nog logischer.
Denk op de lange termijn. De aanschaf van een elektrische bedrijfswagen is nu niet alleen goedkoper, maar beschermt je ook tegen aankomende strengere milieuzones in steden.
De aanschafprijs is lager (geen BPM) en de brandstofkosten (elektriciteit) zijn significant lager dan diesel of benzine. Het onderhoud is vaak ook goedkoper.
De impact op de restwaarde van benzine- en dieselbestelauto's is hierdoor groter.
Een oude bestelauto die nu nog BPM-vrij kan worden overgenomen, zal in 2025 en later een hogere aanschafbelasting moeten betalen. Dat maakt de tweedehandsmarkt voor die specifieke, oudere modellen ineens interessant, terwijl de nieuwmarkt voor diezelfde modellen inzakt. Een lastige markt voor de ondernemer die nu moet kiezen.
Gewijzigde BPM 2026: wat je moet weten
Ook in 2026 staan er weer wijzigingen op de planning. Dit zijn de cijfers die je moet onthouden.
De vaste voet (het minimumbedrag dat je altijd betaalt) voor personenauto's stijgt naar ongeveer €687. Daarnaast worden de CO2-schijfgrenzen met 1,55% verlaagd. Dit betekent dat je sneller in een hogere schijf belandt.
Tegelijkertijd stijgen de schijftarieven zelf met 1,57%. De cumulatieve effecten hiervan kunnen behoorlijk oplopen.
Wat verandert per 1 januari 2026
Voor bestelwagens stijgt het BPM-tarief per 1 januari 2026 naar €68,85 per gram CO2.
Ter vergelijking: dit was voor 2025 nog lager. De trend is duidelijk: de overheid wil het autorijden met een brandstofmotor duurder maken. De stijging van de BPM-tarieven in 2026 is een direct gevolg van het indexeren van de belastingen. De overheid past de bedragen jaarlijks aan de inflatie aan.
Het is geen spectaculaire sprong, maar een geleidelijke verdere aantasting van de koopkracht van je euro als je hem investeert in een benzineauto. De verlaging van de schijfgrenzen is het sluipmoordenaartje.
Je koopt nu een auto die net in een lagere schijf valt, maar door de grensverlaging in 2026 zou diezelfde auto in de hogere schijf vallen. Dit maakt de restwaarde van moderne luxe auto's die nu nieuw worden gekocht extra gevoelig voor deze regelgeving.
Wat dit betekent voor jou als consument
Wat betekent dit allemaal voor jouw keuze? Simpel gezegd: benzineauto's worden duurder in aanschaf en zullen sneller aan waarde verliezen.
De reden is tweeledig. Ten eerste: de aanschafprijs stijgt door de BPM-verhogingen. Ten tweede: de markt voor benzineauto's krimpt doordat EV's enorm aantrekkelijk worden.
Minder vraag betekent een lagere restwaarde. Als je kijkt naar luxe leaseauto's, zie je dit effect extra sterk.
Een auto van €60.000 met een BPM van €10.000 is na drie jaar en 60.000 km misschien €35.000 waard. Als die BPM door nieuwe regels naar €14.000 gaat, en de vraag naar benzinebakken daalt, zakt die restwaarde misschien naar €28.000. Dat is een verschil van €7.000 op een looptijd van drie jaar.
Voor de private lease-rijder betekent dit dat de maandbedragen voor benzineauto's zullen stijgen. Leasemaatschappijen berekenen de verwachte restwaarde door in hun tarieven.
Een lagere restwaarde leidt direct tot een hoger maandbedrag. De keuze voor een elektrische auto wordt hierdoor in alle opzichten logischer.
De maandlasten zijn vaak al lager, en je bent verzekerd van de nieuwste technologie en fiscale voordelen. De keuze is dus helder: ga je voor de traditionele benzine-ervaring en accepteer je de hogere kosten en snellere waardevermindering, of stap je over op elektrisch?
De impact van de nieuwe BPM-regeling
De impact van de nieuwe BPM-regeling, mede door strengere Europese batterijregelgeving, op de restwaarde van benzineauto's is onmiskenbaar.
De regering stuurt keihard aan op een elektrische toekomst. De BPM is hun stuurmiddel.
Door de belasting op brandstofauto's stapsgewijs te verhogen en die op EV's te schrappen, wordt de markt gedwongen te veranderen. Dit zorgt voor een spagaat bij autofabrikanten. Enerzijds moeten ze nog benzine-modellen verkopen om aan de huidige vraag te voldoen, anderzijds investeren ze miljarden in elektrische platforms. De consument profiteert op korte termijn van de keuzevrijheid, maar betaalt op lange termijn de rekening voor een auto die uit de mode raakt. Voor liefhebbers van het hogere segment blijft de toekomst van luxe sportwagens overigens een interessant discussiepunt.
Veranderingen in de BPM-regeling
De BPM-regeling is niet meer wat het was. Waar het ooit een manier was om inkomsten te genereren, is het nu een groen beleidsinstrument.
De overgang van catalogusprijs naar CO2-uitstoot als grondslag (bij bestelauto's) is het duidelijkste signaal. De BPM wordt een heffing op vervuiling. Dit maakt het voorspellen van de restwaarde complexer dan ooit.
De regels veranderen sneller dan de gemiddelde autolooptijd. Een auto die vandaag slim is, kan over drie jaar door nieuwe regelgeving ineens een stuk minder slim blijken.
Voordelen voor elektrische bedrijfswagens
De voordelen voor elektrische bedrijfswagens zijn nu zo groot dat ze bijna niet te negeren zijn.
De BPM-vrijstelling is er één, maar denk ook aan de lagere motorrijtuigenbelasting (MRB) en de subsidieregelingen voor laadpalen. Voor ondernemers die zakelijk leasen, is een elektrische bedrijfswagen nu vaak voordeliger in de maandlasten dan een vergelijkbare diesel. De totale kosten per kilometer (TCO) dalen aanzienlijk.
De restwaarde van een elektrische bedrijfswagen is op dit moment nog een onbekende factor, maar de markt laat een stijgende lijn zien. De vraag naar jonge, gebruikte EV's neemt toe, wat de restwaarde positief beïnvloedt.
Praktische tips voor je volgende aankoop
Goed, je bent eruit: je wilt een auto. Hoe nu verder? Hier zijn een paar concrete stappen die je vandaag nog kunt zetten om jezelf te beschermen tegen de BPM-valkuilen.
- Plan je aankoop vóór 1 januari 2026. Als je een benzine- of dieselauto wilt, is het slim om de aanschaf nog voor het nieuwe jaar te doen. Je valt dan nog onder de huidige, lagere BPM-tarieven. Dit kan je al snel €500 tot €1.500 schelen, afhankelijk van het model. Dit effect is het grootst bij auto's met een hoge CO2-uitstoot.
- Laat een BPM-vergelijking maken. Ga naar je dealer en vraag specifiek naar de BPM voor het model van je keuze, zowel voor de aanschaf nu als voor de verwachte restwaarde over drie of vier jaar. Vraag hen de impact van de 2026-regels door te rekenen. Een goede dealer heeft deze tools paraat.
- Overweeg serieus over te stappen op elektrisch. Zeker bij lease of als ondernemer. De BPM-vrijstelling is slechts het topje van de ijsberg. De lagere energiekosten, het gemak van thuisladen en de fiscale voordelen maken een EV op dit moment onverslaanbaar in totale kosten. Kijk naar modellen als de BMW iX, de Tesla Model Y of de Volkswagen ID.4. Ze zijn luxe, snel en kosten je geen BPM.
- Check de overgangsregeling. Ben je ondernemer en koop je een bestelauto die al op kenteken staat? Zorg dat je weet of je gebruik kunt maken van de overgangsregeling. Dit kan duizenden euro's schelen. Laat dit altijd controleren door je boekhouder of de dealer.
De markt verandert, de regels veranderen, en jouw keuze verandert mee. Door scherp te zijn op de BPM, maak je niet alleen een slimme fiscale keuze, maar ook een verstandige investering in je toekomstige mobiliteit.
Kies wijs, en rij vooral lekker.